blog

Het nieuwe werken voorbij

Persoonlijke ontwikkeling

In de afgelopen jaren heeft het nieuwe werken ook bij de overheid zijn intrede gedaan. Gewapend met iPhone en een Ultrabook heb ik overal mijn werkplek bij me. Maar… soms kan en moet werk even niet bestaan!

Het nieuwe werken voorbij

Met mijn 36-urige werkweek mag ik mezelf een goeie fulltimer noemen. Dat is ooit wel anders geweest. In de tijd dat de kinderen nog klein waren moest ik er niet aan denken om ‘altijd’ op het werk te moeten zijn.

Soms vond ik 24 uur per week al moeilijk vol te houden. Als de kinderen ziek waren bijvoorbeeld, of tijdens vakanties. Ooit heb ik weleens met drie kinderen op een leeg schoolplein gestaan, en vroeg ik mezelf af of ík nu zo in de war was of de school. Gelukkig was ik niet de enige. Een andere moeder liep hoofdschuddend naar buiten en riep: ‘Studiedag… Ze hebben een studiedag!’ Toen wist ik zeker dat ik nooit, maar dan ook nooit van mijn leven fulltime zou gaan werken.

Maar tijden veranderen en kleine kinderen worden groot. Plotseling wilden ze alles zelf doen en voor ik het wist gingen ze studeren. 24 uur per week werd 32 uur en met het aanvaarden van een nieuwe functie belandde ik plotseling toch in die fulltime-werkende hoek.

In de afgelopen jaren heeft het nieuwe werken ook bij de overheid zijn intrede gedaan. Gewapend met iPhone en een Ultrabook heb ik overal mijn werkplek bij me, en het is makkelijk om thuis nog even iets af te maken of te lezen, mailtjes te beantwoorden en in alle rust de agenda voor een volgend overleg te maken.

Toen onze middelste zoon van 25 in mei een stamceltransplantatie moest ondergaan was ik dan ook vast van plan om mijn werk gewoon door te laten gaan. Hoe moeilijk kon het zijn? iPhone, Ultrabook, ik zou zelfs in het ziekenhuis kunnen werken als het moest! Want dat ik hele dagen in het ziekenhuis zou verblijven was me duidelijk. Ik bedoel, een stamceltransplantatie is natuurlijk geen blindedarmontsteking.
Dat hij geïsoleerd lag maakte het misschien nog wel makkelijker. Alleen in een kamer, met maar maximaal twee personen bezoek per keer. Alle rust om af en toe mijn mail te checken.

Dacht ik…

Want natuurlijk lukte dat niet!

Alle emoties en angsten om dat intens zieke joch maakte dat ik na drie dagen bijna huilend mijn leidinggevende belde. ‘Het gaat me echt niet lukken om af en toe mijn mail te checken,’ snotterde ik door de telefoon. ‘Ik word er zo onrustig van en ik voel me schuldig, en…’

‘En je gaat gewoon afschakelen,’ vulde ze aan. ‘Het nieuwe werken is prachtig. Maar niet in alle situaties. Allemachtig, wat had jij dan gedacht? Jij bent er voor je zoon, voor jullie gezin en werk bestaat nu even niet. Klaar.’

In de dagen die ik naast het bed van onze middelste doorbracht dwaalden mijn gedachten vaak terug naar zijn kindertijd. Hoe makkelijk was het om drie kinderen met mijn 24-urige baan te combineren? Hoe onrustig kunnen we het onszelf maken als we soms niet helemaal afschakelen?

Onze zoon heeft – toen hij weer wat opknapte – kunnen nadenken over zijn toekomst in dat ziekenhuisbed. Ik ook. En ik weet dat ik nog lang zal blijven werken. Maar dat nieuwe werken, daar ga ik met mezelf serieuze afspraken over maken.

Te beginnen bij de aankomende zomervakantie.

Fijne zomer gewenst, met veel rust!

Auteur Gwennie Benjamins | Kijk ook eens op haar eigen blog schrijvenaandekeukentafel.

Gwennie Benjamins

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels