nieuws

Ben jij al wie je bent?

Persoonlijke ontwikkeling

Worden wie je bent – wat betekent dat? Jezelf kennen? Authentiek zijn? Zelfleiderschap tonen? Trainer en coach Roos Woltering legt uit en geeft een paar sprekende en herkenbare voorbeelden.

Ben jij al wie je bent?

Trainer Roos Woltering kijkt in de Summerclass Werken aan je werkgeluk naar jouw leiderschap in contact met jezelf, de ander en de organisatie.

Worden wie je bent, wat houdt dat in?

“Het is vooral: meer zicht krijgen op wie je bent en waarom je de dingen doet zoals je ze doet. Hoe ga jij om met wat je tegenkomt? En in hoeverre bepaalt het verleden je nu nog steeds? Wie ben je, hoe doe je het en wat is jouw verhaal? En waarom doe je het zo?”

Als je daar beter inzicht in krijgt, welk effect heeft dit dan op jezelf en je omgeving?

“Als je jezelf beter kent, dan kun je bewustere keuzes maken. Dan kun je ook kiezen om het een keer anders te doen. We volgen allemaal patronen en hebben veelal automatisch gedrag, dat supersterk is. Het leidt ons. En dat is tot op zekere hoogte ook goed en je kunt er vrede mee hebben. Maar ben je je ervan bewust, dan krijg je meer keuzevrijheid, bijvoorbeeld als je ergens tegenaan loopt. Dan kun je kiezen om er op een andere manier mee om te gaan dan gewoonlijk.”

Heb je hier een voorbeeld van?

“Ik heb een vriendin die zich heel comfortabel voelt bij nét een beetje overbelast zijn. Ze wil bij niemand in het krijt staan en ze doet graag veel voor anderen, meer dan anderen voor haar. Niet om zichzelf beter te voelen maar om zich ‘onschuldig’ te voelen. Zodra iemand anders meer doet voelt zij zich schuldig. Ze probeert constant te ‘compenseren’.

Haar sterke punt is dat ze attent is en oog heeft voor anderen. Maar helaas heeft ze zichzelf chronisch verwaarloosd en is ze nu thuis met een burn-out. Nu ze wel om hulp móét vragen, merkt ze hoeveel moeite haar dat kost. Zij vindt om hulp vragen en die aanvaarden ingewikkeld en moeilijk. Wil zij dat patroon doorbreken, dan moet ze toch echt om hulp vragen – en die aanvaarden. En dat schuldgevoel… dat is ongemak dat ze moet verdragen.”

Het zijn tegengestelde eigenschappen?

“Ja, het zijn polariteiten: dat wat je succesvol maakt, kan je ook laten struikelen. Je grootste valkuil is vaak ook je grootste kracht. Mijn vriendin heeft oog voor anderen en is attent, maar daardoor heeft ze zichzelf uitgeput.

Als je doorzettingsvermogen hebt, is dat erg mooi, het helpt je om bergen te beklimmen die je niet voor mogelijk had gehouden. Maar de keerzijde is dat je niet meer weet wanneer je moet stoppen.

Ikzelf ben bijvoorbeeld heel goed in de onderste steen boven halen; dat wat verborgen is in de openheid krijgen. Ik kan daardoor de vinger gemakkelijk op de zere plek leggen. Maar dat kan ook indringend zijn voor de ander en soms ga ik daarin te snel. Ik moet dus ook leren om te ‘laten’ en de ander zijn eigen tempo hierin te gunnen, hoe lastig ook want ik vind het niet prettig als de ander zijn gevoelens verstopt en alles weg relativeert. Maar niet alles hoeft boven tafel, en zeker niet per se op mijn moment. Dus aan de ene kant is het mijn superspecialisme, en heb ik er in zekere zin zelfs mijn baan van gemaakt, en aan de andere kant heb ik daar ook iets in te leren en toe te voegen zodat ik het kan inzetten, maar niet móét inzetten. En dat geeft keuzevrijheid.

We zetten dus altijd in wat we kennen.

In de Summerclass Werken aan je werkgeluk gaan we dan ook in op wat jou definieert. Welke eigenschappen zet je graag en vaak in? En wat is het tegenovergestelde? Hoe kun je dat meer inzetten voor meer balans? Ben je bijvoorbeeld krachtig? Leer dan ook om kwetsbaar te zijn.”

Je gaat ook in op het verschil tussen leiderschap en lidmaatschap, wat houdt dat in?

“Leiderschap gaat over hoe je het vóór de groep doet. Neem je initiatief, sta je voor je keuzes, ook als je weet dat anderen ertegen zijn? Lidmaatschap houdt in hoe je het doet ín de groep, of je vooral buigt voor wat er is, of je je kunt aanpassen.

We hebben beide posities nodig, we zijn namelijk allemaal wel eens ergens leider of lid, maar sommigen voelen zich wel erg goed in één van deze rollen en hebben dus nog wat te leren in de andere rol. Goede leiders moeten ook in een groep kunnen functioneren en andersom. Welke plek neem je in? En klopt die plek bij je functie? Klopt het bij de functie die je thuis hebt, als ouder of grootouder? En klopt het op je werk? Het gaat hierbij trouwens niet om hiërarchie, maar om ordening.”

De assistant of teamleider heeft dan wel een bijzondere positie

“Ja, je zou kunnen zeggen: je bent de knakworst. Zowel onder als boven je zit een broodje. Je bent deel van een groep, geeft leiding aan een team als meewerkend voorman én communiceert nog naar je manager of directie. Hoor je nu meer bij de andere medewerkers qua positie of meer bij de baas?

Dat kan een ingewikkelde positie zijn. Punt is dat je weet hoe je je verhoudt en dat je je plek durft in te nemen, dat je kan leiden en initiëren maar ook kan volgen.”

Aan de slag met werkgeluk?

Zin om ook aan de slag te gaan met werkgeluk? Meld je aan voor de Summerclass Werken aan je werkgeluk! Je gaat met Roos Woltering, Gerda Bos en Onno Blom aan de slag op boerderij de Boerinn in Kamerik.

Roos Woltering

Reageer op dit artikel