checklist

Een speech houden: 7 tips

Taal en communiceren

Volg deze tips op, oefen veel en dan zul je merken dat nervositeit niet nodig is.

Speechen – of het nu op een bedrijfsborrel, een feest of een bruiloft is – voor velen blijft het een nachtmerrie. Je kent vast het gevoel wel van trillende benen, zweterige handen en een droge mond. De angst om te gaan stotteren of je tekst kwijt te raken en af te gaan als een gieter steekt telkens weer de kop op. Lees deze tips, oefen veel en je zult merken dat die extreme nervositeit niet nodig is.

1) Voorbereiding.
Een voorbereide toespraak, is een succesvolle toespraak. Het beste is om hardop te oefenen voor de spiegel, of nog beter: voor publiek. Je toehoorders kunnen je dan wijzen op houding, beweging, stemgeluid, woordkeuze. Bedenk dat het slechts weinigen gegeven is uit de losse pols een fantastische toespraak te houden. Maak dus niet de fout te denken dat het allemaal wel los zal lopen en bereid je voor.

2) Aandacht grijpen.
Pak je publiek meteen bij de kladden met een goede binnenkomer. Maak bijvoorbeeld een bruggetje naar de actualiteit. Doe dat vooral met humor. Niet alleen heb je dan de aandacht van je toehoorders, maar je hebt ook meteen een ontspannen sfeer.

3) Stemgebruik.
Je intonatie is erg belangrijk. Wissel toonhoogte en volume dus goed af. Dat maakt je verhaal levendig en prettig om naar te luisteren. Let ook op je ademhaling; neem de tijd om rustig adem te halen, vooral in lange zinnen, zodat je ze niet afraffelt en naar adem moet happen.

4) Beweging.
Je toespraak krijgt een boost als je levendige gebaren maakt om je verhaal te ondersteunen. Gebruik je handen, maak oogcontact met je publiek en sta niet stil. Zo maak je een dynamische, actieve indruk en houd je mensen bij de les.

5) Structuur.
De opbouw van je speech moet helder zijn en de tijdsduur kort. Als de opbouw helder is, is het voor de luisteraars makkelijker om je verhaal te volgen. Daarom is het aan te bevelen om een bord, flip-over of projector te gebruiken, zodat het publiek de structuur van je verhaal blijft zien.

6) Hulpmiddelen.
Het beste is om matig te zijn met audiovisuele hulpmiddelen. Houd het aantal sheets beperkt met Powerpoint en zet er alleen ondersteunende termen en kreten op. Het gaat erom wat jij vertelt, niet om wat er op de sheets te zien valt.

7) Uitsmijter.
Om een onuitwisbare indruk te maken op je toehoorders, moet je besluiten met een spetterende uitsmijter

Reageer op dit artikel