vraag & antwoord

Wat kan er verkeerd gaan met er?

Taal en communiceren

Er

Wat kan er verkeerd gaan met er?

wordt gebeld.

Er wordt aan gewerkt.

Er staat iemand voor de deur.

Verder komt het voor in zinswendingen als:

Er was eens…

Er is daar maar één secretaresse.

Wat is er gebeurd?

Hoeveel kinderen heb je? Ik heb er twee.

Een bekende betekenis van er is ‘op de aangeduide plaats’. Het is dan een synoniem van hier of daar, maar het is minder nadrukkelijk.

Griekenland lijkt me een mooi land. Ik ben er nog nooit geweest.

Of ik Amsterdam ken? Ja, ik heb er gewoond.

Er met voorzetsel of bijwoord

Wel lastig, ook voor moedertaalsprekers, wordt het wanneer je er gaat combineren met een voorzetsel of een bijwoord. Dat doe je in zinnetjes als:

Nu ik eraan denk…

Eraan betekent hier iets als ‘aan het’. In het Engels vertaal je het dan ook met: of it.

Now I come to think of it

Veel mensen worstelen met de vraag of je er al of niet aan het voorzetsel of bijwoord vast moet schrijven. Toch is de vuistregel heel eenvoudig.

Vuistregel

Als op er een voorzetsel of bijwoord volgt, dan schrijf je er vast aan het voorzetsel of bijwoord.

Dus schrijf je:

Denk eraan: neem eten mee.

U2 komt naar Nederland en ik ga ernaartoe!

Hoe kom je erbij?

Ervan uitgaan

Het wordt allemaal nog ingewikkelder als er een werkwoord bij komt. Is het bijvoorbeeld er van uit gaan, ervan uitgaan, ervanuit gaan of nog iets anders? Het juiste antwoord is: ervan uitgaan.

Waarom? Bij constructies als deze moet je bedenken of het voorzetsel of bijwoord bij het werkwoord hoort of niet. In het Taalhandboek Nederlands van Van Dale staat dit mooi uitgelegd:

“Het werkwoord luidt uitgaan: als we uitgaan van de feiten. Uit hoort dus bij het werkwoord. Van maakt geen deel uit van het werkwoord; het is een vast voorzetsel bij uitgaan. Uit en gaan kunnen daarom niet gesplitst worden; ervanuit gaan is dus uitgesloten. Ook ervanuitgaan kan niet, want van maakt geen deel uit van het werkwoord. Er en van kunnen wel aan elkaar geschreven worden, volgens de regel die zegt dat de combinatie van er + voorzetsel altijd aan elkaar vast geschreven wordt. Op die manier blijven de delen van het werkwoord bij elkaar en schrijven we ook de rest van de uitdrukking zo veel mogelijk aaneen. Het is dus ervan uitgaan. En ook: we gaan ervan uit, dat …”

Kei in taal

Zin om je kennis van de Nederlandse taal en grammatica te verbeteren? Schrijf je dan in voor de training Kei in taal, een intensieve taaltraining waarin je alle regels van de Nederlandse spelling en grammatica op een rij zet.

Reageer op dit artikel