checklist

Tien tips om goed leiding te geven

Coördineren

Leidinggeven aan een secretariaat: voor de één een lang gekoesterde droom, voor de ander een nachtmerrie. Leidinggeven betekent richting geven en sturing aan mensen met wie je samenwerkt. Hoe doe je dat, zeker in gevallen waarin je voorheen collega’s was, zonder een bitch te zijn? 1. Doe wat je zegt en zeg wat je doet. […]

Leidinggeven aan een secretariaat: voor de één een lang gekoesterde droom, voor de ander een nachtmerrie. Leidinggeven betekent richting geven en sturing aan mensen met wie je samenwerkt. Hoe doe je dat, zeker in gevallen waarin je voorheen collega’s was, zonder een bitch te zijn?

1. Doe wat je zegt en zeg wat je doet. Niets zo vervelend als een leidinggevende die roept ‘Daar kom ik op terug’ en dan nooit meer van zich laat horen. Zorg dat wat je zegt, klopt met je acties.

2. Benoem wat je belangrijk vindt in jullie team. Als leidinggevende heb je een bepaalde visie op hoe het gaat in jullie team en wat de prioriteiten zijn. Deel dus jouw visie en hoe je dingen eventueel anders wilt.

3. Ga niet rennen voor je kunt lopen. Begin niet heel ambitieus op dag twee met een totaal andere richting, planning, werkverdeling of rollenwijziging. Als je een nieuwe leidinggevende bent, is het van belang om eerst informatie te verzamelen en mensen mee te krijgen.

4. Organiseer regelmatig overleg. Om communicatie te laten stromen, heb je kanalen nodig. Maak je die niet, dan stroomt het toch wel – de wandelgangen in. Overleg regelmatig (ook al is het kort, ook al kan niet iedereen in elke samenstelling erbij zijn).

5. Laat zien dat je menselijk bent. Vertel af en toe over dingen waar je mee worstelt of waar je mee bezig bent. Dat maakt het voor anderen makkelijker om dit soort dilemma’s met jou te delen.

6. Ga niet mee in roddelcampagnes. Komt collega A naar je toe om te klagen over collega B? Stimuleer hen om dit samen uit te spreken, in eerste instantie zonder jou, maar indien nodig met jou. Laat je niet voor andermans karretje spannen!

7. Vraag naar hun mening en ervaringen. Als leidinggevende hoef je niet alwetend of alzorgend te zijn. Misschien is er iemand in je team die ergens ervaring mee heeft en iets kan overnemen? Ook helpt dit om bezwaren te kennen. Al kun je ze niet wegnemen, je kunt er wel op inspelen.

8. Maak ruimte voor persoonlijke aspecten. Mensen zijn geen robots. Zorg dat het delen van persoonlijke ervaringen of verhalen ook op de werkvloer ruimte krijgt. Geef zelf het voorbeeld en laat zien wat jij ‘redelijke grenzen’ vindt.

9. Vraag feedback binnen en buiten je team. Maak jezelf niet afhankelijk van hun oordeel, maar wees wel open: hun mening telt ook.

10. Houd de deur open én dicht. Zorg dat je collega’s bij je kunnen komen met dingen die spelen of die moeilijk gaan. ‘Dicht’ betekent dat ze ook van vertrouwelijkheid op aan mogen kunnen. Wat ze jou vertellen, blijft bij jou.

Hoe leid ik een zelfsturend team? [Vakbase]
4 leiderschapsstijlen [Vakbase]
De impact van je woordkeuze [Vakbase]
Boek: Een functie met toekomst

Training: teamleider secretariaat

Reageer op dit artikel