checklist

Er van uit gaan / ervan uitgaan / er vanuit gaan

Geen categorie

Wat is de juiste schrijfwijze?

Juist is: ‘We gaan ervan uit dat het zal lukken.’ Het werkwoord is namelijk ‘uitgaan’. Ervan vormt één geheel; uit blijft los staan omdat het bij het werkwoord (gaan) hoort. Het is uitgaan van iets en ervan uitgaan dat … Een paar voorbeeldzinnen:

  • Ervan uitgaande dat de cijfers juist zijn, ga ik akkoord.
  • Ik ben ervan uitgegaan dat de cijfers juist zijn.
  • Ik ga ervan uit dat de cijfers juist zijn.
  • Ik vind dat we ervan moeten uitgaan dat de cijfers juist zijn.

Voorzetsels en de bijwoorden er, daar, hier of waar worden aan elkaar geschreven (ervan, daarop, hiernaast, waarmee, etc.), maar een voorzetsel dat onderdeel is van een werkwoord, blijft los staan. In ‘We gaan ervan uit dat het zal lukken’ blijft uit daarom los staan van ervan. Enkele andere voorbeelden ter verduidelijking:

  • Ze zijn ervandoor gegaan.
    (Toelichting: het werkwoord is ervandoor gaan; door hoort niet bij het werkwoord.)
  • Ik hoorde dat ze daarmee door bleven gaan, alhoewel ze gewaarschuwd waren.
    (Toelichting: het werkwoord is ermee doorgaan; door hoort bij het werkwoord, en daarom mag het niet vast aan daarmee.)
  • Ik bel hem straks daarover op.
    (Toelichting: het werkwoord is opbellen, dus op mag niet vast aan daarover.)
  • Gelukkig zijn jullie veilig thuisgekomen; ik zat erover in.
    (Toelichting: het werkwoord is inzitten over iets, dus in mag niet vast aan erover.)

Of een voorzetsel onderdeel is van het werkwoord, hangt af van de betekenis. Vaak zul je dit in een woordenboek moeten nazoeken. Hieronder volgen een aantal veelvoorkomende combinaties: 

  • erdoorheen praten
  • erin opgaan
  • ernaartoe gaan
  • eronderdoor gaan
  • erop afkomen
  • erop ingaan
  • eropna houden
  • eropuit zijn, gaan, trekken
  • ertussendoor lopen
  • ertussenuit knijpen
  • ervan afhangen
  • ervan afzien

Combinaties van drie voorzetsels en er, daar, hier of waar worden bij voorkeur gesplitst in twee tweetallen: ervan opaan kunnen, eraan onderdoor gaan. Dit geldt niet voor erop vooruitgaan, omdat vooruitgaan hier één werkwoord is.

Bron: Onze Taal

De d-t-regels in het kort
Klinkerbotsing
Wanneer gebruik je ‘hun’ en wanneer ‘hen’?
Boek: SpellingTrainer
Training: Spelling en taaltips

Reageer op dit artikel