nieuws

10 woorden die je beter kunt vermijden

Taal en communiceren

Er zijn woorden die je beter kunt vermijden in je dagelijkse taalgebruik. Het lijkt misschien een kleinigheid, maar bij veelvuldig gebruik van deze opvul- of stopwoorden kom je onzeker of, erger nog, onbetrouwbaar over – hoe goed opgeleid of betrouwbaar je ook in werkelijkheid bent.

10 woorden die je beter kunt vermijden

Zet je weleens een smiley in een zakelijke mail, aan je manager bijvoorbeeld? Tien jaar geleden zou dat nog ondenkbaar zijn geweest. Nu gebeurt het dagelijks. Communicatie wordt ongedwongener, in het dagelijks leven en op kantoor. Bij het spreken (in tegenstelling tot schrijven) gebruiken we meer ‘opvulwoorden’ of stopwoordjes dan wanneer we een mail of een social media-bericht opstellen. Als we praten gebruiken we bijvoorbeeld vaak ‘zeg maar’ of ‘eh’ als vuller. Toch kun je ze maar beter mijden…

Oké

Oké is een tussenwerpsel dat vaak, heel vaak, gebruikt wordt. (Ondergetekende gebruikt oké ook vaker dan goed is…) Het is een kort antwoord, lekker makkelijk ook, zeker op Whatsapp, om snel te laten weten dat je akkoord bent of iets prima vindt. Maar bij veelvuldig en onnadenkend gebruik kun je onverschillig overkomen. Bij tekstberichten moet je helemaal oppassen als je oké gebruikt om er maar snel vanaf te zijn en je vooral aardig wilt overkomen. Vermijd je het geven van je eigen mening, omdat je bang bent dat je iemand kwetst? Dat is juist niet oké. Vooral niet als iemand je naar jouw mening vraagt.

Gaaf, cool en meer uitroepen

Er is niets mis met deze woorden. Nou ja, behalve dan dat ze wat vaag overkomen. Of overdreven. Vooral als je ze vaak gebruikt, boeten ze in aan enthousiasme en oprechtheid. Bij overmatig gebruik klink je al snel onoprecht en overdreven. Beter kun je je enthousiasme tonen door een compliment te geven en meerdere woorden te gebruiken in plaats van één woord op repeat te zetten.

Eh

Deze vuller komt wellicht het vaakst voor… en kan eh, echt eh, super eh irritant zijn! En waarschijnlijk zeg je het nog veel vaker dan je je realiseert. Het (onbewust) doorspekken van je zinnen met het woordje ‘eh’ kan ervoor zorgen dat je overkomt als een trage denker. Je kunt het vervangen door te zeggen: “Laat me hier even over nadenken.” Dat klinkt lekker proactief.

Zeg maar

Stop. Met. Dit. Stopwoord. Let je er eenmaal op, bijvoorbeeld als je tv kijkt, radio luistert of naar gesprekken tussen collega’s, dan kun je dit tussenwerpsel niet níét meer horen. Aargh! Totaal overbodig. Weg ermee.

Eigenlijk

Dit woord is ‘eigenlijk’ ook niet nodig in de meeste gesprekken. Het woord wekt de indruk dat wat eerder gezegd is, niet waar is. Kijk eens naar verschillende zinnen met ‘eigenlijk’ erin. Je zult zien dat het in vrijwel alle zinnen weggelaten kan worden zonder dat je de betekenis verandert. De zinnen worden er eerder sterker en directer van.

Sorry

Zeg geen sorry als je er niets aan kunt doen. Niets mis met oprechte excuses natuurlijk. Zeker als je weet dat je fout zat. Maar strooi niet met sorry’s rond alsof het pepernoten zijn op 5 december. Want bij verkeerd en veelvuldig gebruik kom je zwak en onzeker over. Om niks sorry zeggen is vaak een (slechte) gewoonte geworden – vooral vrouwen schijnen dit te doen – en je komt beschaamd en angstig over. Wil je je excuses aanbieden, gebruik het dan zeker wel. Maar niet als je verlegen bent of nerveus.

Hopelijk

Klinkt heel hoopvol, dit woord. Net als “ik hoop…”, maar er zit een duistere keerzijde aan. Gebruik je dit woord, dan kun je de indruk wekken dat je niet zelfverzekerd of vastberaden genoeg bent.

Stel: je baas vraagt of je een klus kunt klaren binnen twee uur. Welk antwoord is beter?

– Geen probleem. Ik ga er meteen aan beginnen en kom er snel mee bij je terug.
– Oké, zeker. Hopelijk kost het me minder dan twee uur. Ik breng het bij je als ik klaar ben.

Het tweede antwoord zegt niet meteen dat het niet lukt, maar het komt veel minder zelfverzekerd over. ‘Hopelijk’ straalt uit dat je geen controle hebt of zeker genoeg bent. Nu kan het best zijn dat je ‘hopelijk’ prima kunt gebruiken, want in het leven heb je nu eenmaal niet altijd controle. Maar in werksituaties kun je het beter vermijden.

Misschien, een beetje, in principe

Net als ‘hopelijk’ en ‘zeg maar’ zwakken ze je boodschap af. Maak jezelf niet klein!

– Eigenlijk heb ik geen tijd…
– Misschien is dit wel onzin, maar…

Verkleinwoorden

Gebruik geen verkleinwoorden: klusje, halfuurtje.

– Zeg: “Ik ben er een half uur mee bezig geweest.”
– Zeg: “Ja en…” in plaats van “Ja maar…” (“Ja maar…” is “Nee want…” Je stelt je niet open.)

Kunnen, mogen, moeten, willen, zullen, hoeven

Deze werkwoorden gebruik je in combinatie met andere werkwoorden, daarom heten ze ‘hulpwerkwoorden’. Het zijn combinaties die je makkelijk verwerkt in je gesprekken, maar die je niet betrouwbaar laten klinken. Het kan erop lijken dat je je kleiner maakt, of je probeert te verschuilen. Met hulpwerkwoorden zijn je zinnen algauw omfloerst en onduidelijk. En daarmee: je boodschap en jij dus ook. Ze kunnen ervoor zorgen dat je onzeker klinkt, terwijl dat vast niet je bedoeling is.
Stel dat je iemand vraagt om langs te komen en de ander zegt: “Misschien, het kan zijn (of: zou kunnen) dat ik al iets heb, maar ik laat het je weten.” Hoe daadkrachtig, actief en zelfsturend komt de ander hier over? Degene lijkt meer een speelbal van omstandigheden.

kunnen = het is mogelijk, het behoort tot de mogelijkheden;
mogen = toestemming hebben om iets te doen;
moeten = de plicht hebben, verplichting, iets is noodzakelijk;
willen = de sterke wens hebben, wensen, voorkeur hebben;
zullen = iets van plan zijn, iets beloven, iets voorspellen, maar ook een waarschijnlijkheid.

Zelfbewustzijn

Hoe vaak gebruik jij bovenstaande woorden? Het begint bij zelfbewustzijn. Van daaruit kun je wat je maar wil gaan aanpassen.

Bron: dit artikel komt van Lifehack: 8 common words you don’t know are making you sound unreliable
Vera Bot vertaalde het en maakte er een eigen versie van.

Verdieping

Beter worden in mondelinge communicatie? Bekijk eens de training Professioneel mondeling communiceren, van Angela Wijers.
Wil je je meer richten op schriftelijke communicatie dan is Kei in taal iets voor je.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels