blog

Persoonlijk leiderschap begint van kinds af aan

Persoonlijke ontwikkeling

Als ik naar mijn dochter Doris van twee kijk wordt het me steeds weer duidelijk: we zijn allemaal geboren met alles wat nodig is voor persoonlijk leiderschap. In mijn werk als trainer en coach gaat het zo vaak over het terugvinden van wat we allemaal ooit als tweejarige hebben gehad, maar geheel of gedeeltelijk zijn kwijtgeraakt.

Persoonlijk leiderschap begint van kinds af aan

Ooit waren we allemaal in staat om op volle kracht onze boosheid te uiten. We konden gemakkelijk onze grenzen aangeven en “nee!” roepen. We dansten en maakten zonder terughoudendheid plezier. We vertelden gewoon aan iedereen die we tegenkwamen dat we heel goed waren in tekenen, voetballen of zingen. We konden lekker hardop zeuren en jengelen en schreeuwen als iets ons niet naar de zin was. We pronkten vrolijk met ons blote lijf en renden gierend van het lachen en schuddend met onze billen door de woonkamer. We waren in staat om de hele dag door fouten te maken, om te vallen en weer op te staan, zonder onszelf daarvoor op de kop te geven. We konden voor onszelf kiezen en het grootste stuk taart opeisen, zonder dat we ons egoïstisch voelden.

Ooit konden we ons zonder aarzeling laten troosten als we daar behoefte aan hadden. Ik zie het aan Doris, ze strekt gewoon haar armpjes naar me uit en zegt: “Mama, ik wil bij jou.”

En dan zie ik hoeveel moeite het mezelf soms kost om na een lange dag werken heel direct aan mijn man te vragen of hij me even wil vasthouden. Ik draai eromheen. Ik mopper over de lange file en de korte nacht, in de hoop dat hij mijn signalen oppikt en me naar zich toe trekt. En als hij dat niet doet voel ik me tekortgedaan.

Maar laten zien dat ik er eigenlijk even doorheen zit en dat ik hem nodig heb vind ik veel te spannend. Ik ben nogal gehecht aan het imago van die vrouw die zesendertig pannetjes tegelijk op het vuur kan hebben staan, zonder dat er ook maar een keer iets aanbrandt.

We hebben als kind zo vaak te horen gekregen: “Doe eens niet zo gek. Niet boos zijn. Huilen is nergens voor nodig. Niet zo schreeuwen. Nu even niet. Je bent toch een grote meid?”

En zo zijn we allemaal grote meiden geworden. Grote meiden die niet zeuren. Die netjes hun mond houden als ze iets dwars zit, om de sfeer vooral goed te houden. Grote meiden die zich liever uitkleden in het donker dan in het volle licht. Grote meiden die hun boosheid en hun tranen inslikken en doorgaan waar ze mee bezig waren. Grote meiden die zich schamen om in gezelschap iets geks te doen of te zeggen. Grote meiden die iedere dag weer hun stinkende best doen om geen fouten te maken. Grote meiden die volhouden en doorgaan, ook als het water ze aan de lippen staat.

Gelukkig zijn grote meiden ook in staat om van een afstandje te kijken naar hun eigen patronen. Om in het hier en nu nieuwe keuzes te maken. En om te kiezen voor meer vrijheid, plezier en stevigheid, of juist zachtheid. Dat vergt wel moed. En soms zul je je enorm ongemakkelijk of zelfs schuldig voelen. Maar we kunnen dat allemaal, want we zijn er allemaal mee geboren.

Auteur: Anne van Weeghel | trainer van onder andere de nieuwe masterclass Assisting professional waarin je zelf aan de slag gaat met persoonlijk leiderschap. Ze organiseert deze training speciaal voor Management Support op 6 november.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels