checklist

Ben je een perfectionist, een rampfantast of een moraalridder?

Persoonlijke ontwikkeling

Ik moet alles perfect doen, iedereen moet mij aardig vinden… We hebben allemaal weleens last van irrationele ideeën, zeker op de werkvloer. Welk type piekeraar ben jij?

Ben je een perfectionist, een rampfantast of een moraalridder?

Er zijn vijf stereotypen.

1. De perfectionist

De perfectionist denkt: ik mag geen fouten maken. Goed is voor hem niet goed genoeg. Iedereen heeft wel een zekere neiging tot perfectionisme. Ben je weleens ’s nachts uit bed gestapt omdat je die ene alinea in je rapportage nog moest verbeteren? Of heb je weleens overgewerkt omdat je ‘alles nog even wilde nalopen’?

De perfectionist denkt dingen als:

  • Ik moet deze klus aankunnen, ik moet dit probleem zelf oplossen.
  • Ik mag niet ziek worden.
  • Ik moet altijd een goede indruk maken.

Een vleugje perfectionisme kan geen kwaad. Het gaat pas mis als je jezelf daarom veroordeelt en vindt dat je absoluut geen fouten mag maken, omdat je dan (in jouw beleving) zou falen. Perfectionisme is ineffectief als je in iedere situatie perfectie eist, en jezelf of anderen verorodeelt als ze die perfectie niet altijd bereiken.

2. De rampfantast

Rampdenkers maken dingen erger dan ze zijn. Zegt een manager iets dat eigenlijk niet door de beugel kan, dan zal de rampfantast al snel vrezen dat zijn carriere op het spel staat als hij adequaat zou reageren. ‘Laat ik mijn mond maar houden, anders krijg ik nog meer narigheid.’

De rampfantast denkt dingen als:

  • Dit zal vast en zeker mislukken en dan draait het hele project in de soep.
  • Als ik dit niet op tijd afkrijg, heb ik een gigaprobleem.
  • Als ik nu iets terugzeg, word ik waarschijnlijk ontslagen.

Rampdenken leidt vaak tot het vermijden van risico’s. Het gevolg kan zijn dat je, bevangen door angstgevoelens, stil blijft, terwijl je juist iets zou kunnen zeggen.

3. De moraalridder

De moraalridder heeft een hoop pijlen op zijn boog. Als je ergens binnenkomt, moet je elkaar altijd een hand geven. En vrienden moeten altijd voor elkaar klaar staan, door dik en dun elkaar steunen.

De moraalridder denkt dingen als:

  • Ze moeten ook altijd mij hebben.
  • Afspraak is afspraak.
  • Ik heb hier keihard aan gewerkt. Hij heeft het recht niet mij zo te behandelen.

Moraalridders maken zich druk om alles en iedereen die niet aan hun waarden en normen voldoen. Maar helaas: de realiteit is dat anderen er andere normen of waarden op na houden. Daar hoef je het niet mee eens te zijn, maar het scheelt een hoop ergernis als je accepteert wat je niet kunt veranderen.

4. De liefdesjunkie

De liefdesjunkie is ervan overtuigd dat hij niet kan functioneren als anderen eens minder over hem denken. Hij vermijdt conflicten, is weinig zelfverzekerd, probeert iedereen te pleasen en raakt snel van streek als hij eens commentaar krijgt. Ieder incidentje weet hij in negatieve zin op zichzelf te betrekken.

De liefdesjunkie denkt dingen als:

  • Mijn baas vindt mij niet de moeite waard (als er een keer kritiek is).
  • Als ik die vergadering niet bijwoon, denkt iedereen slecht over mij.
  • Ik ben niet zo creatief en origineel als de rest.

Het gevolg van deze gedachten kan zijn dat je angstig en somber wordt en dat anderen je op den duur inderdaad niet aardig vinden en niet zo creatief. Je negatieve gedachten worden dan waarheid.

5. De LFT’er

De LFT’er denkt te snel dat hij iets niet kan. Hij denkt dingen als:

  • Als ik hem vertel wat ik denk, zal hij vast boos worden. Dat overleef ik niet.
  • Die klus is veel te moeilijk voor mij, maar als ik weiger om het aan te pakken, zal mijn baas denken dat ik niet capabel ben.
  • Dat durf/kan ik nooit.

Mensen die bij de minste tegenslag gefrustreerd raken, zitten snel bij de pakken neer. Ze vinden iets al snel te moeilijk of te zwaar. Dat kan leiden tot allerlei spanning, ongenoegen en uitstelgedrag.

Probeer vast te stellen op welk type je het meest lijkt. En probeer je voor te stellen wat er zou gebeuren als je de irrationele gedachten erachter eens los zou laten. Als je de overdrijving eruit zou halen. Stel dat je je ziek meldt, wat zou er dan gebeuren? Stel dat je die ene klus niet zomaar aanneemt, maar dat je eerst duidelijkheid wilt over bevoegdheden, het tijdpad en het precieze beoogde resultaat. Hoe zou je baas dan reageren? Het op zo’n manier relativeren kan al heel erg helpen.

Deze tips komen uit de nieuwe Secretaresse Assistent Wijzer Werken in flow. Bekijk hier meer informatie over het boek.

Reageer op dit artikel