Wanneer schrijf je ‘grote’ en wanneer ‘grootte’?

Je schrijft ‘grote’ als het gaat om een bijvoeglijk naamwoord. Op een bijvoeglijk naamwoord volgt altijd een zelfstandig naamwoord. Voorbeelden: de grote auto een grote mond het grote kindHet woord ‘grootte’ is een zelfstandig naamwoord: de grootte.  Het duidt de mate aan waarin iets groot is, de omvang van iets. Je kunt het vergelijken met ‘lengte’ of

Dit vind je misschien ook interessant