checklist

12 belemmerende overtuigingen – en hoe je ze ombuigt

Persoonlijke ontwikkeling

Hier volgen 12 irrationele en belemmerende overtuigingen én hoe je ze kunt omvormen tot helpende gedachten of overtuigingen. Wedden dat je er zeker twee of drie herkent bij jezelf? Belemmerende overtuigingen Een overtuiging is een manier van denken. Overtuigingen hebben we gedurende ons leven geleerd, en we zitten er vol mee. Ze kunnen veranderen doordat je […]

12 belemmerende overtuigingen – en hoe je ze ombuigt

Hier volgen 12 irrationele en belemmerende overtuigingen én hoe je ze kunt omvormen tot helpende gedachten of overtuigingen. Wedden dat je er zeker twee of drie herkent bij jezelf?

Belemmerende overtuigingen

Een overtuiging is een manier van denken. Overtuigingen hebben we gedurende ons leven geleerd, en we zitten er vol mee. Ze kunnen veranderen doordat je bijvoorbeeld dingen meemaakt, ouder wordt, opleidingen volgt, reist of mensen ontmoet. Denk maar eens terug aan iets waar je vroeger heilig in geloofde, en nu niet meer. Sommige overtuigingen zijn handig, en sommige zijn niet meer houdbaar en dus onhandig en belemmerend. Meestal heb je zelf niet eens door, dat je hiermee jezelf belemmert. Je gelooft nou eenmaal dat het zo is. Als je ze herkent kun je ze ombuigen naar helpende overtuigingen, met als resultaat dat je vooruit komt in het leven, dat je een plezieriger gevoel hebt en dat meer lukt. Hier komen de irrationele basisgedachten ofwel overtuigingen:

1. Iedereen moet mij aardig vinden.

Goedkeuring van anderen is belangrijk voor je. Je laat je leiden door wat anderen van je denken. Kritiek maakt je onzeker. Je probeert iedereen te vriend te houden. Je kunt jezelf geen slechte dag of een slecht humeur toestaan. Herken je dit? Dan kan het helpen om je overtuiging om te vormen naar: Ik kan beter mezelf respecteren dan afhankelijk te zijn van het respect van anderen. Of: Ik ben een waardevol mens, wat anderen ook over mij denken.

2. Ik mag geen fouten maken.

Je steekt nodeloos veel tijd en energie in het vermijden van fouten. Je krijgt faalangst. Je veroordeelt jezelf op basis van een fout. Je verwacht van anderen ook dat ze perfect zijn en wordt hierdoor veelvuldig teleurgesteld. Je moet presteren om je de moeite waard te kunnen voelen.
Mag je geen fouten maken? Vervang die gedachte maar door: Ik mag fouten maken. Of: Van je fouten kun je leren.

3. Slechte mensen moeten hard aangepakt worden.

Je veroordeelt iemand als persoon op basis van zijn gedrag. Je legt jouw normen over goed en slecht gedrag op aan een ander.
Is dit een van jouw gedachten? Denk dan liever: Er bestaan geen slechte mensen, er bestaan alleen ongewenste gedragingen. Of: Elk mens heeft positieve bedoelingen met zijn gedrag. Alleen de manier waarop zij zich gedragen is niet altijd prettig.

4. Alles moet precies gaan zoals ik wil.

Je kunt er heel slecht tegen als dingen tegenzitten. Als iets niet meteen lukt, raak je van slag of word je boos. Je probeert altijd je zin door te drijven. Je maakt je onnodig druk over dingen die niet te veranderen zijn.
Ja! Deze herken ik bij mezelf. Ik wil altijd graag dat dingen op mijn manier gaan. Dus ik moet vaak tegen mezelf zeggen: laat het los, de dingen zijn zoals ze zijn. Of: als ik het niet kan veranderen, dan heeft het ook geen zin om me er druk over te maken.

5. Alle ellende wordt veroorzaakt door factoren buiten mij.

Jij kunt er niks aan doen. Je zult sterk de neiging hebben om anderen verantwoordelijk te stellen voor het onheil dat je overkomt.
Dit is de slachtofferrol. Vorm hem om door te denken: het zijn niet de gebeurtenissen die mij in de problemen brengen maar het is mijn interpretatie daarvan. Of: wat is mijn aandeel in dit geheel en wat kan ik dan wel doen?

6. Ik moet me zorgen maken over mogelijke tegenslagen.

Je bent constant bezig met het voorkomen van rampen, die zich voornamelijk in je hoofd afspelen. Het kost veel energie om rampenscenario’s uit te denken en steeds alert te zijn.
Het geeft meer rust als je denkt: problemen die zich voordoen, kan ik oplossen. Of: het is zonde van de tijd om me druk te maken over iets waarvan ik niet eens zeker weet of het wel zal gebeuren.

7. Verantwoordelijkheden kun je beter uit de weg gaan.

Je stelt belangrijke beslissingen steeds uit. Je zorgt dat anderen die beslissingen voor jou nemen, zodat je niet de schuld krijgt als het fout gaat. Op den duur kost het je meer moeite om problemen te ontlopen, dan om ze op te lossen. Vervang problemen door uitdagingen. Dus: problemen zijn uitdagingen. En: elk probleem dat ik oplos, maakt mij sterker en wijzer.

8. Ik ben afhankelijk van anderen, ik kan het niet alleen.

Je durft niet op jezelf te vertrouwen en je durft geen zelfstandige beslissingen te nemen. Je wordt geleefd door anderen. Anderen beslissen wat goed of slecht voor je is. Je eigen meningen, wensen en verlangens zijn minder belangrijk. Kom op en vorm je gedachten om: elk mens heeft zijn eigen mening en niet iedereen hoeft het met mij eens te zijn. Of: ik kan ertegen, als ik een verkeerde beslissing neem. Of: hoe meer zelfstandige beslissingen ik neem, hoe meer ik leer vertrouwen op mijn eigen oordeel.

9. Ik ben zoals ik ben en dat zal altijd zo blijven.

Je kunt er niks aan doen, dit is wat het is. Je neemt geen verantwoordelijkheid voor de manier waarop je je gedraagt en hoe je je voelt. Wanneer iemand je op je gedrag aanspreekt, doe je het af met “Zo ben ik nou eenmaal”.
Deze uitspraak kom ik in mijn werk in vele vormen tegen. Als je deze gedachte herkent, vorm hem dan snel om, want het zal je veel nieuwe mogelijkheden geven! Voorbeelden van helpende gedachten hierbij: dat ik de dingen tot nu toe zo gedaan heb, betekent niet dat ik dat altijd zo zal moeten blijven doen. Of: anders denken, is anders doen. Of: als jij het kunt, kan ik het leren.

10. Ik moet me druk maken over problemen van anderen.

Je vlucht weg in de problemen van anderen zodat je niet naar je eigen problemen hoeft te kijken. Je wordt je pas bewust van je eigen problemen als het te laat is. Je maakt anderen afhankelijk van je, waarna ze je met nog meer problemen opzadelen. En als hun problemen weg zijn, gaan ze er vandoor. De helpende gedachten kunnen zijn: ik kan beter de verantwoording nemen voor mijn eigen problemen, dan mij verschuilen achter problemen van anderen. En hoe zou dit voor je werken? Wanneer ik de problemen van anderen ga oplossen, ontneem ik hen de kans om zelfstandig te worden.

11. Er bestaat voor elk menselijk probleem één perfecte oplossing.

Je steekt veel energie in het zoeken naar de perfecte oplossing. Je blijft voortdurend twijfelen of dat wat je bedacht hebt, wel goed genoeg is. Je steekt meer tijd en energie in het piekeren over de perfecte oplossing, dan dat je mogelijke oplossingen uitprobeert. Je bent weinig flexibel in je oplossingsmogelijkheden. Toe maar, geef jezelf wat lucht door te denken: Voor de meeste problemen bestaan meerdere oplossingen. Of: hoe meer oplossingen ik uitprobeer, hoe flexibeler ik word. Of: voor sommige ‘problemen’ bestáán helemaal geen oplossingen, ik kan deze problemen dan ook maar beter accepteren, zoals ze zijn.

12. Ik kan niet leven met onzekerheden.

Je probeert zekerheid te vinden in een wereld die uit onzekerheden is opgebouwd. Je wilt van tevoren weten wat er komen gaat. Je stelt jezelf allerlei voorwaarden, voordat je pas actie durft te ondernemen. |
Altijd de controle willen houden en weten wat er komen gaat, ook dit zal voor veel van jullie een bekende gedachte zijn. Wat kan helpen is de gedachte: onzekerheid maakt het leven spannend. Of: ik heb geen zekerheid nodig om me goed te kunnen voelen.

Tijdens de workshop Anders denken, anders reageren op het event Smart Brains leer je welke strategieën je kunt inzetten om je belemmerende overtuigingen te doorbreken. Je laat je niet meer remmen door doemdenkscenario’s, maar je creëert kansen en mogelijkheden. Klik hier om meer te lezen over de workshop.

Wil je een hele dag getraind worden over dit onderwerp? Dan is onze training Anders denken, anders reageren misschien wel iets voor jou.

 

Reageer op dit artikel