nieuws

Eerste hulp bij burn-out

Persoonlijke ontwikkeling

Eerste hulp bij burn-out

We hebben het allemaal ontzettend druk, een zorgwekkende ontwikkeling. Je hoort steeds vaker dat mensen een burn-out hebben. Wat zijn de verschillen met overspannenheid? Hoe herken je de signalen? Wat kun je doen om het te voorkomen en hoe herstel je van burn-out? Burn-outexpert Maria Dekker geeft tekst en uitleg.

Uit onderzoek (TNO, CBS) blijkt dat zo’n 17 procent van de Nederlanders in 2018 burn-outklachten ervaarde als gevolg van een drukker, stressvoller leven. Zo’n 20 procent van de medewerkers gaat moe naar zijn werk. Daarbij voelt ruim 30 procent van de medewerkers zich meerdere keren per maand ‘leeg’ aan het einde van de dag. Ons werk schijnt veeleisender te zijn geworden, we ervaren over het algemeen minder autonomie en zijn (mede door toenemend gebruik van de mobiele telefoon, apps en social media) constant bereikbaar, blijkt onder meer uit een artikel in de Volkskrant.

Burn-out of niet?

Er bestaat een groot verschil tussen (tijdelijke) werkstress, overspannenheid en burn-out

Enige nuance is hier echter op zijn plek, want ‘burn-outklachten’ lijkt een verzamelnaam geworden voor alle symptomen die mogelijk veroorzaakt worden door langdurige stress. Maar er bestaat een groot verschil tussen (tijdelijke) werkstress, overspannenheid en burn-out. Hoewel de symptomen veel overlap kennen, verschillen ze van elkaar wat betreft de oorzaken, de heftigheid van de klachten, aanlooptijd en benodigde hersteltijd. Overspannenheid kent een aanloop- en hersteltijd van een paar weken tot een paar maanden, bij burn-out kunnen aanloop en herstel een paar maanden tot een paar jaar duren. Daarbij weten veel vrouwen, en ook huisartsen, niet dat overgangsklachten sterk overeen kunnen komen met burn-outklachten. De conclusie dat er sprake is van een burn-out wordt dus helaas veel te vaak en onterecht getrokken.

De oorzaken van burn-out zijn ook niet alleen werkgerelateerd. Dagelijks spreek ik mensen die weinig tot geen stressoren op hun werk lijken te ervaren, maar wel een zeer uitdagend privéleven hebben gecreëerd en alle ballen constant tegelijk in de lucht denken te kunnen houden. Als dat dan samengaat met persoonskenmerken als perfectionisme, grenzeloosheid, onzekerheid of een groot verantwoordelijkheidsgevoel, dan is het sommetje gauw gemaakt. In veel gevallen is sprake van een combinatie van factoren. Toch uiten de klachten en gevolgen daarvan zich meestal op het werk, waardoor de werksituatie als meest belastende factor wordt gezien.

In de praktijk

Een voorbeeld: Karin (45) is een succesvolle, ervaren managementassistente op een omvangrijke afdeling van een groot internationaal bedrijf. Als organisatorische duizendpoot houdt zij zich vier dagen per week bezig met diverse coördinerende, secretariële en facilitaire zaken.

Hoe leuk Karin haar baan ook vindt en hoe flexibel ze ook is, ze merkt dat haar werk haar de laatste tijd op begint te breken. Vermoeidheid en onzekerheid nemen de overhand. Aan haar kennis en ervaring kan het niet liggen. Ook hebben zich in de loop van de jaren geen vervelende, stressvolle situaties voorgedaan. Het is de laatste jaren wel drukker geworden door het wegvallen van een secretariële functie en de taken die daardoor op haar bordje zijn komen te liggen. Hoewel ze nu meer moet doen in dezelfde tijd, ervaart ze die extra taken niet zozeer als belastend, omdat het vooral taken zijn die ze haar voldoening geven.

Toch is er al langer iets dat haar een onrustig en opgejaagd gevoel geeft, waardoor Karin slecht slaapt. Ze voelt zich soms emotioneel labiel, staat ’s ochtends regelmatig vermoeid of met een hardnekkige hoofdpijn op en gaat vaak met tegenzin naar haar werk. Iets dat Karin niet van zichzelf kent. Ze heeft zich zelfs voor het eerst in haar loopbaan in korte tijd meerdere malen ziek gemeld. Dat ze als gevolg daarvan ook gezellige afspraken met vriendinnen, haar wekelijkse squash-uurtje en de zorg voor haar zieke vader moet afzeggen, is iets wat aan haar knaagt.

Haar manager heeft zijn zorgen al eens uitgesproken: ‘Ik zou me werkelijk geen betere assistente kunnen wensen, maar het valt me op dat je de laatste tijd vaak afwezig bent, minder vrolijk binnen komt, steekjes laat vallen en na events niet meer blijft hangen om gezamenlijk met een borrel af te sluiten. Dat is niet zoals ik je ken, Karin.’ Deze uitspraak kwam binnen; Karin kreeg het idee dat ze gefaald had en niet aan bepaalde verwachtingen kan voldoen. Althans, niet meer.

Oorzaken onder de loep

Als je naast het werk ook nog allerlei andere ballen hoog moet houden van jezelf, dan kan dat op den duur te veel worden

Karins situatie lijkt op het eerste gezicht onschuldig. Ze doet haar werk al jaren succesvol en met veel plezier, zo ook de extra taken die ze erbij heeft gekregen. Opvallend genoeg heeft ze daar nooit extra uren voor gekregen, waardoor de werkdruk is gestegen en Karin weinig vrijheid ervaart in haar werk. Misschien heeft ze te maken met een veeleisende manager of collega’s die haar voor elk wissewasje inschakelen. Als Karin bekendstaat om haar uitstekende zorg, loyaliteit en servicegerichtheid kan het lastig zijn voor haar om iemands verzoek te weigeren. Verwarrend, want hoewel dat haar op langere termijn uit zou kunnen putten, kan het zoveel mogelijk ontzorgen van haar manager en collega’s ook juist datgene zijn wat Karin aan het eind van de dag voldoening geeft.

De casus is echter te beperkt om conclusies te kunnen trekken. We weten nauwelijks iets van Karins persoonlijkheid en privésituatie, hoewel die zeer bepalend kunnen zijn voor haar huidige situatie. Als Karin een hoog verantwoordelijkheidsgevoel (waardoor ze haar taken en verantwoordelijkheden én die van de ander serieus zal nemen) en doorzettingsvermogen heeft (waardoor ze door zal gaan tot het bittere eind) en daarnaast perfectionistisch (waardoor zij de lat altijd zo hoog mogelijk zal leggen) of zorgzaam is (waardoor ze eerder de ander voorop zal zetten dan zichzelf), dan is de kans groot dat Karin meer hooi op haar vork neemt dan haar belastbaarheid eigenlijk toestaat. Daarbij kan de zorg voor een ziek familielid ongemerkt veel energie wegnemen, zeker als de eerder genoemde persoonskenmerken versterkend werken. Als je naast het werk ook nog allerlei andere ballen hoog moet houden van jezelf (want stel je voor dat je iets mist, je leven saai wordt of tekortschiet als moeder/partner?!) dan kan dat op den duur te veel worden.

Balanceren

Kortom, burn-outklachten kunnen zich op allerlei manieren manifesteren, maar meestal is er een disbalans op werk- en privégebied. Het goede nieuws is dat iedereen op beide gebieden kan leren balanceren, ook jij. Door dagelijkse balans aan te brengen, kun je zelf veel klachten verminderen, soms wegnemen of (beter nog) voorkomen.

  1. Krijg zicht op de fases die je mogelijk voorafgaand aan een burn-out kunt doorlopen.
    Zo vormen hard werken en jezelf wegcijferen vaak de beginfases. Daarna volgen na een paar maanden in veel gevallen de eerste (vage, onverklaarbare) spanningsklachten. Zolang je die negeert, zullen de klachten toenemen en ontstaat vaak een afstandelijke houding naar werk en sociaal leven.

  2. Herken de symptomen van overspannenheid en burn-out en neem ze serieus.
    Als je weet hoe chronische stress en spanning zich uiten, kun je de symptomen herkennen en ingrijpen. Zo kenmerkt overspannenheid zich onder andere door vermoeidheid, hoofdpijn, nek- rug-schouderklachten, prikkelbaarheid, slapeloosheid, piekeren, concentratieproblemen, duizeligheid, opgejaagdheid en emotionele labiliteit. Burn-out kent dezelfde symptomen, maar in extremere vorm en een hele waslijst aan andere klachten, zoals laag zelfvertrouwen, humeurschommelingen, gewichtstoename of -afname, tinteling van lichaamsdelen, hartkloppingen, oorsuizen, angst of paniekaanvallen, hyperventilatie, lage weerstand, overmatig transpireren, drukkend gevoel op borst en verhoogde ademhaling of hartslag.
  3. Neem energievreters en energiegevers onder de loep.
    Als je weet wat in jouw werk en privéleven je energie geeft of juist energie wegneemt, kun je jouw energiebalans opmaken. Ben je aardig in balans of juist volledig uit balans? En waar zit het ‘m dan in? Is het die ellenlange dagelijks terugkerende file, dat verplichte wekelijkse familiebezoek of die ene rotklus waardoor je je onzeker voelt? Door bewuste keuzes te maken of kleine veranderingen aan te brengen, kun je je energie terug in balans brengen. Jobcrafting kan daarbij helpen.
  4. Krijg zicht op je leefstijl en pas deze zo mogelijk aan.
    Het effect van goede voeding, voldoende beweging en een gezonde nachtrust is ongekend. Zo verhogen cafeïne, suikers en alcohol de aanmaak van stresshormonen in het lichaam, je doet er dus goed aan die zoveel mogelijk te vermijden. Je hoeft echt niet intensief te gaan sporten, maar door regelmatig te bewegen maak je stoffen aan die juist een ontspannend, stimulerend en helend effect hebben in periodes van stress. Zoek dus een vorm van sport of beweging die bij je past. Gedurende een goede nachtrust doen we nieuwe energie op en vinden allerlei onmisbare processen plaats in onze hersenen en ons lichaam. Als je al een tijd slecht slaapt, doe je er goed aan maatregelen te nemen. Tip: download het e-book Slaap (je) beter van Marjolein Dubbers (Energieke Vrouwen Academie)
  5. Hecht waarde aan ontspanning en oplaadmomenten.
    Onze energie is als een accu die je regelmatig op moet laden. Pak je hobby weer op, plan me-time in je agenda, ga een dagje weg of gun jezelf die week vakantie. Ook kun je baat hebben bij meditatie, ontspannings- of ademhalingsoefeningen. Maar ook vaker bewust ‘niksen’ kan heel ontspannend werken.
  6. Breng structuur aan in je leven.
    Rust, reinheid en regelmaat; het klinkt ouderwets maar is zo gek nog niet. Onduidelijkheid en onregelmatigheid kunnen tot stress of gepieker leiden. Wanneer je behapbare doelen stelt, voor jezelf prioriteiten formuleert en deze concretiseert in een plan, kan dat meer rust in je hoofd brengen.
  7. Ken je eigen grenzen en respecteer ze alsof je leven ervan afhangt.
    Langere tijd over je eigen grenzen (laten) gaan breekt op.  Grenzen zijn er om gerespecteerd te worden, zowel door jou als door je omgeving. Leer je eigen grenzen kennen, merk op wanneer je er overheen gaat en hoe je dat een volgende keer kunt voorkomen. Zeg vaker nee, nu niet of schakel hulp in. Dat is niet zwak, maar juist krachtig.
  8. Last but not least: ga vaker offline.
    We zijn tegenwoordig dag en nacht bereikbaar en staan altijd aan, terwijl ons brein daar evolutionair gezien niet klaar voor is. Overprikkeling, onrust en mentale vermoeidheid zijn het gevolg. Daarbij is de scheidslijn tussen werk en privétijd dunner geworden, terwijl niemand anders dan wijzelf vaak verwachten dat we buiten werktijd ‘nog even’ onze werkmail openen. Schakel je smartphone of internet wat vaker uit, je hoeft echt niet altijd online te zijn.

Heb je het vermoeden dat jij (of iemand in je omgeving) te maken hebt met burn-outklachten en lukt het je niet (meer) om er zelf iets aan te doen, schakel dan een professionele, in burn-out gespecialiseerde coach in. Hoe sneller je hulp inschakelt, hoe sneller je van je klachten kunt herstellen of erger kunt voorkomen!

Maria Dekker

Maria Dekker.

Over Maria Dekker

Maria Dekker (1990), ervaringsdeskundige én expert op het gebied van stress en burn-out, werkt als zelfstandig coach en auteur o.a. voor Bye Bye Burnout. In samenwerking met Mascha Mooy schreef zij een boek voor werkgevers en (hr-)managers over hoe stress en burn-out op de werkvloer te voorkomen en aan te pakken. Bye bye burn-out, uitval op de werkvloer voorkomen en aanpakken verschijnt eind september 2019.

Reageer op dit artikel